Aan de slag
 
AAN DE SLAG
 
DENKKADER
 
PILOTS
Introductie denkkader
Print pagina



De aanpak in de pilots is gebaseerd op onderstaand denkkader. Het denkkader bestaat uit vier aspecten die zijn weergegeven in een ijsberg met een deel boven en een deel onder de waterspiegel. Dit omdat het proces en de opbrengsten zich boven en onder de waterspiegel bevinden. In dit proces gaat het deels om objectieve, inhoudelijk zaken aangeduid met HET en deels om individuele en collectieve menselijke aspecten respectievelijk aangeduid met IK en WIJ.

Hoe werkt het denkkader?

Boven de waterspiegel: kwaliteitsgericht handelen en kwaliteitssysteem
Bij kwaliteit gaat het om de onderwijskundige inhoud én de wijze waarop de professional uitvoering geeft aan deze inhoud. Kenmerkend van de ijsberg is dat een groot deel zich onder de waterspiegel bevindt en daarmee moeilijk zichtbaar en beïnvloedbaar is. Dit zijn aspecten van kwaliteit die met name met de ‘menskant’ te maken hebben (het bewustzijn van individuen en de cultuur van teams). Zaken die zich boven de waterspiegel bevinden zijn zichtbaar, tastbaar en concreet. Dit gaat deels ook over de mens-kant (gedrag van individuen), maar verder vooral ook over de inhoud van het onderwijs en de organisatie (structuren, instrumenten). Het topje van de ijsberg wil objectief, meetbaar en zichtbaar zijn. Dit gedeelte van de ijsberg duiden we aan als HET. Daarbij gaat het om inhoudelijke en organisatorische zaken en het gedrag van individuen.

Onder de waterspiegel: kwaliteitsbewustzijn en kwaliteitscultuur
Onder het wateroppervlak bevinden zich de intenties van individuen en de cultuur van groepen, die we respectievelijk IK en WIJ noemen. Onder de waterspiegel gaat het om wat mensen als individu (linkerkant van het plaatje) en wat mensen als groep beweegt, ofwel het collectief (rechterkant van het plaatje). De onzichtbare aspecten onder de waterspiegel oefenen invloed uit op de zichtbare, concrete aspecten boven de waterspiegel en vice versa.

Kort samengevat gaat het bij het bewerkstelligen van duurzame kwaliteit om de wisselwerking tussen HET, IK en WIJ. Ze dienen alle drie in een passend evenwicht aandacht te krijgen. Kortom, enerzijds aandacht voor de inhoud (onderwijskundige zaken, systemen en structuren) en gedrag en anderzijds aandacht voor intenties van individuen en de cultuur van teams.

Duurzame kwaliteit vraagt om doelen en interventies boven en onder de waterspiegel. De mate waarin en de balans daartussen hangt af van het vraagstuk. Dit bepaalt in hoeverre interventies boven of onder de waterspiegel nodig zijn. Sleutelfactoren hierbij zijn betrokkenheid en leiderschap.

Leiderschap en betrokkenheid als hefboom voor kwaliteitsbewustzijn
Duurzame kwaliteit vraagt om kwaliteitsbewustzijn van zowel docenten als van hun leidinggevenden. Twee sleutelfactoren hierbij zijn betrokkenheid en leiderschap: 

  • Leiderschap: Leidinggevenden verbinden hun persoonlijke intenties met die van de organisatie en dragen deze uit; zij weten te inspireren en te sturen. Dit is de cruciale hefboom om kwaliteitscultuur en kwaliteitsbewustzijn in beweging te brengen. Voorbeeldgedrag, het rolmodel van leiders, heeft een beslissende invloed op de cultuur van een organisatie. Het is de hefboom om het wederzijdse vertrouwen te versterken.

  • Betrokkenheid: Docenten in opleidingsteams werken met inzet vanuit een innerlijke drive en op een betrokken manier met elkaar, met hun studenten en met hun leidinggevenden. Zij krijgen de ruimte om vanuit hun kwaliteitsbewustzijn te werken. Zij scheppen met elkaar een kwaliteitscultuur. Betrokkenheid van medewerkers ontstaat door wederzijds vertrouwen tussen medewerkers en leiding.

REAGEREN
E-mailadres:
Plaats hier uw reactie:
ZOEKEN
ZOEKEN
"Met elkaar in openheid werken aan kwaliteitsverbetering, dat is te danken aan de pilot."